Mythe : het is aan de stedelijke bevolking om de klimaatverandering op te lossen

Europa kan zijn beloftes om de klimaatverandering een halt toe te roepen niet nakomen zonder een grootschalige participatie en betrokkenheid van landelijke gemeenschappen. Niet alleen moet de plattelandsbevolking in staat zijn de juiste energiekeuzes te maken, maar de meeste hernieuwbare opties, van windmolenparken tot zonne-energie en micro-WKK, hebben de bereidwillige deelname van de plattelandsgemeenschappen ook nodig

Nieuws

  • FREE Nieuwsbrief

    Een digitale kopie van de FREE Nieuwsbrief van februari 2012, vindt u hier. [ Download ]
  • Van Nistelrooij: “Geef decentrale opwekking de ruimte”

    Lambert van Nistelrooij, Europarlementariër voor het CDA, wil consumenten en particulieren de mogelijkheid geven om zelf elektriciteit op te wekken. Daarom wil hij salderingsregelingen en fiscale mogelijkheden verruimen. Bas Eickhout, Europarlementariër voor GroenLinks, wil dat ook, maar stelt dat zonder oog voor het grote plaatje niet genoeg stappen worden gemaakt. Hij pleit voor bindende doelstellingen voor energiebesparing.

    Energiepodium.nl

  • FREE Field Trip toont de uitdagingen en opportuniteiten van duurzame energie in landelijke gebieden

    Op vrijdag 9 december ging een groep energie-experts, parlementsmedewerkers, academici en vertegenwoordigers van betrokken organisaties op uitnodiging van FREE op bezoek bij twee locaties die een toonbeeld zijn van de duurzame energieproductie op het platteland. Tijdens deze eerste FREE Field Trip ging men op bezoek bij de landbouwer Luc Lavrijsen uit Herk-de-Stad en het domein Lissenvijver in Geel. Tijdens hun bezoek maakten de deelnemers uitgebreid kennis met de ervaringen en uitdagingen van beide gastheren.

    BIO-ENERGIE IN HERK-DE-STAD

    De herhaalde confrontatie met dalende inkomsten van hun gewassen en de bewondering voor vergevorderde biogoasinitiatieven in Duitsland deden de akker- en varkensboeren Toon en Luc Lavrijsen enkele jaren geleden beslissen om het roer volledig om te gooien. Na overleg met enkele gespecialiseerde partners installeerden zij een biovergistingsinstallatie. Deze verwerkt 20.000 ton biomassa per jaar. Op basis van maïs, mest, oogstresten en producten die worden aangeleverd uit nabijgelegen boerderijen en industrie, levert de installatie van de familie Lavrijsen nu groene stoom aan zo’n 2.300 gezinnen in Herk-de-Stad.

    Co-vergistingsinstallatie

    Bij covergisting wordt een natte biomassa, in dit geval mest van de varkensboerderij, toegevoegd aan een andere biomassa, zoals een landbouwproduct of een nevenproduct uit de voedingsindustrie. Door vergisting wordt biogas gevormd. Wat verder overblijft, is het digestaat of het natte eindproduct, dat als meststof gebruikt kan worden. Bio-Energie Herk koos voor een co-vergistingsinstallatie op basis van organische producten die eigen zijn aan het bedrijf, zoals mest van varkens, maïs en oogstresten. Daarnaast worden er organisch-biologische nevenproducten uit de voedingsindustrie aangeleverd.

    Duurzame energie en landbouw

    Vandaag wordt in de agrarische sector al flink geïnvesteerd in duurzame energiebronnen. Vele veehouders maakten gebruik van de gunstige subsidieregeling voor fotovoltaïsche zonnepanelen. Anderen zochten een extra inkomen in de productie van duurzame energie en installeerden WKK’s op aardgas. Zij die er echt een tweede bedrijfstak van wilden maken installeerden WKK’s op biogas of stoomturbines. Minder frequente toepassingen zijn zonneboilers, houtkachels en warmtepompen. Windmolens hebben in Vlaanderen hun ingang nog niet gevonden in de landbouwsector.

    RECREATIEDOMEIN DE LISSENVIJVER IN GEEL

    Recreatiedomein De Lissenvijver in Geel wilde een milieuvriendelijke, maar tegelijk ook kostenbesparende oplossing voor de vervanging van hun verouderde stookinstallatie. Omwille van de landelijke ligging van het domein, was er geen mogelijkheid om op een gemakkelijke manier aan te sluiten op het aardgasnetwerk. Het domein De Lissenvijver is een recreatiecentrum in een natuurpark van 20 hectare in Geel. Het omvat een feestzaal, een sporthal, een indoor ski, een ijsbaan, een terras en verschillende outdoor faciliteiten  (mountainbike parcours, avonturenpark, …). Het recreatiedomein wilde de verwarmingskosten drukken, omdat die met de huidige, verouderde stookolie-installatie te hoog opliepen.

    Gecombineerde oplossing

    Uiteindelijk werd er gekozen voor een gecombineerde oplossing van twee in cascade staande modulerende lucht-watergasaborptiewarmtepompen en een aanvullende condenserende gasketel. De drie warmtebronnen functioneren allemaal op propaan, opgeslagen in een propaangastank die nog op het domein geïnstalleerd moest worden. Ook de kooktoestellen in de keuken zijn nu aangesloten op diezelfde propaantank. Er werd gekozen om 50% van het benodigde verwarmings-vermogen (150 kW) via twee gaswarmtepompen te leveren en de resterende 50% te betrekken van een condenserende gasketel. De achterliggende gedachte is dat met 50% van het totale vermogen toch 91% van de jaarlijkse warmtevraag kan geleverd worden.

    Voor foto's van de FREE Field Trip van 9 december, klik hier.

  • FREE België is trotse sponsor van het eerste Kampioenschap voor Hernieuwbare Energie

    Op 1 oktober 2011 lanceerden Bond Beter Leefmilieu en APERe (l'Association pour la Promotion des Energies Renouvelables) de eerste editie van het Kampioenschap voor Hernieuwbare Energie. In maart 2012 zullen de organisatoren de Belgische gemeente met het beste energiebeleid belonen met de titel van 'Energiekampioen'. FREE België is trotse sponsor van deze wedstrijd, die gemeenten aanmoedigt om hun steentje bij te dragen.

    De ingeschreven gemeentes hebben vijf maanden de tijd om hun positie te verbeteren. Ze kunnen dit doen door een duurzaam energiebeleid uit te voeren, hernieuwbare energieproductie op hun grondgebied uit te brieden en door de steun te krijgen van hun inwoners. Het kampioenschap houdt rekening met de grootte van de gemeentes en gebruikt een objectieve puntentelling om de deelnemende gemeenten te evalueren en vergelijken. Alle gemeenten maken dus kans op de titel van 'Energiekampioen'.

    Voor meer informatie over de wedstrijd en de deelnemers, kan u terecht op de website van De Energiekampioen.

  • GROEN GEDRAG: JA AAN HERNIEUWBARE ENERGIEBRONNEN, NEE AAN HOGE PRIJZEN EN TE GEAVANCEERDE TECHNOLOGIEËN

    BRUSSEL, 17 februari 2011 – Zes maanden na zijn lancering stelt FREE - Future of Rural Energy in Europe - de resultaten voor van een nieuwe nationale enquête over het dagelijkse energiegebruik door gezinnen, en hun milieugevoeligheid. In deze enquête werd bijzondere aandacht besteed aan hernieuwbare energiebronnen. De verschillen tussen de woonzones in België, landelijk/stedelijk en Noord/Zuid/Brussel, werden daarbij grondig onderzocht.

    Eerste vaststelling
    Het energieverbruik draait in België op twee versnellingen. Het Noorden en het centrum van het land, die erg verstedelijkt zijn, hebben toegang tot aardgas. Het Zuiden, dat vooral landelijke gebieden bevat -1 gemeente op 5 of 35% van het grondgebied - heeft geen toegang en de meerderheid is hier afhankelijk van energie met een grote broeikasgasuitstoot.

    Plattelandbewoners - ongeveer 10% van de Belgische bevolking - moeten dus een beroep doen op vaste en vloeibare brandstoffen die relatief veel koolstof bevatten, en op oudere technologieën om zich te verwarmen, om te koken of om te beschikken over warm water voor huishoudelijke doeleinden.

    Zijn de Belgen, en vooral de bewoners van landelijke gebieden bereid om te investeren in hernieuwbare energiebronnen?
    Over het algemeen tonen 90% van de Belgen een grote belangstelling voor de ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen, maar meer dan 50% meent dat de installatie voor de voorziening van de woning te duur is.

    79% van de ondervraagden zijn voor de ontwikkeling van zonne-energie (landelijke gebieden en Brussel) en 34% zijn voorstander van de ontwikkeling van gastoepassingen met een beter rendement (Noorden).

    Hernieuwbare energiebronnen worden gewaardeerd wegens hun economische- (55%) en milieuvoordelen (90%).

    Maar diegene die voorstander zijn van de voorzieningsinstallatie van hernieuwbare energiebronnen in hun eigen woning (50%), menen dat hun basisinvestering te hoog is. 17% ziet de technische moeilijkheden bij het monteren van deze installaties als een bijkomende rem.

    Zonne-energie

    Voordelen 

    Negatieve punten

    1. milieubescherming

    2. werkingskosten

    3. betrouwbaarheid

    4. beschikbaarheid van de bronnen

    1. investering

    2. te technisch

    3. voorspelbaarheid van de resultaten

     

     

    Gas

    Voordelen

    Negatieve punten

    1. investering

    2. comfort

    3. besparingsmaatregelen

    4. voorspelbaarheid van de resultaten

    1. werkingskosten

    2. tevreden met bestaande installatie

    3. beschikbaarheid van bronnen

    4. geen toegang tot aardgas

     

    De kennis over de ecologische voetafdruk van de andere is meestal zeer beperkt: het Zuiden meent dat de stadsbewoner meer vervuilt dan wie op het platteland woont (41%), terwijl de stedeling denkt dat de plattelander het meest vervuilt (14%); 1 ondervraagde op 2 in het Noorden heeft geen mening.

    Elke Belg vraagt een duidelijkere en minder technische communicatie, vooral via de gewestelijke overheden voor de landelijke gebieden, en via het internet en de media voor de stedelijke gebieden. De installatie van groene toepassingen en de financiële voordelen die ze kunnen opleveren, genieten de meeste belangstelling.

    Er moet ten slotte nog worden opgemerkt dat de meeste ondervraagden een positieve instelling hebben ten opzichte van het milieu. Het bewijs: de kleine groene gebaren die iedereen doet in het dagelijkse leven (recycleren, composteren, sorteren van afval, doven van lichten, gebruik maken van het openbaar vervoer (vooral in de steden, …)).

    Conclusie
    De Belgen – en meer in het bijzonder de bewoners van landelijke gebieden – stellen zich nog altijd vragen over de ‘return of investment’ hernieuwbare energie installaties, en velen wensen dat de overheid een bijdrage levert tot de ontwikkeling ervan.

    Zonder financiële en technische hulp, en zonder een betere kennis van de bestaande alternatieven, zullen de bewoners van landelijke gebieden minder geneigd zijn tot:

    - het gebruiken van nieuwe energiebronnen die efficiënter en vooral gedecentraliseerd zijn
    - het combineren van de minst vervuilende fossiele brandstoffen, zoals LPG, propaan en duurzame energiebronnen, omdat ze de producten niet kennen.

    Voornaamste conclusies uitgedrukt in cijfers

     

    Landelijk

    Stedelijk

    Toegang tot gas

    72%

    95%

    Gebruikte energietoepassingen

    Standaard stookolieketel: 39%

    Fotovoltaïsche zonnepanelen: 9%

    Houtverwarming/ketel: 9%

    Hoogrendementsketel op stookolie: 7%

     

    Standaard gasketel: 47%

    Energietoepassingen die uw voorkeur krijgen

    Fotovoltaïsche zonnepanelen: 19%

    Hoogrendementsketel op aardgas: 17%

    Condensatieketel op gas: 7%

     

    Fotovoltaïsche zonnepanelen: 25%

    Hoogrendementsketel op aardgas: 21%

    Condensatieketel op gas: 8%

     

     

    Reden van uw voorkeur voor energietoepassingen

    Fotovoltaïsche zonnepanelen

    Hoogrendementsketel op aardgas

    Condensatieketel op gas

    Thermische zonnepanelen

    Bescherming van het milieu

    90%

    48%

    52%

    89%

    Gebruikscomfort

    33%

    60%

    57%

    35%

    Goedkope gebruikskosten

    55%

    50%

    55%

    61%

    Modern

    48%

    29%

    27%

    37%

    Methodologie
    FREE heeft een beroep gedaan op het enquêtebureau Listen om dit onderzoek uit te voeren. Van 17 november tot 26 november 2010 hebben 1.000 personen de vragenlijst beantwoord via het CAWI (Computer Assisted Web Interview) systeem. Het onderzoek betreft de Belgische bevolking van 18 jaar en ouder die in de stedelijke en landelijke gebieden woont in België, en voor 72% afkomstig is uit de groep 1-4 (bovenste klasse) en voor 28% uit de groep 5-8 (onderste klasse). 84% van de ondervraagden vormen een gezin van 2 personen en meer.

     

  • In de kijker: Warmtekrachtkoppeling

    Een verslag van de studienamiddag 'WKK in binnen- en buitenland' van COGEN Vlaanderen

    Het FREE-initiatief is ervan overtuigd dat de oplossing van het energieprobleem van de landelijke gebieden in een toenemend gebruik van hernieuwbare energiebronnen en –technologieën ligt. FREE België wil als kennisplatform zoveel mogelijk informatie verzamelen en ter beschikking stellen over ni euwe, duurzame technologieën als warmtepompen, biogas, warmtekrachtkoppeling en micro-WKK.
    Om de k
    ennis over deze laatste twee uit te breiden, was FREE België op woensdag 10 november met genoegen aanwezig op een studienamiddag van COGEN Vlaanderen. Daar spraken Thorsten Formanski (ASUE), Margot Van Gastel (COGEN Projects) en Tine Peeters (COGEN Vlaanderen) over (micro-)WKK in binnen- en buitenland.

    WKK en µ-WKK

    Het overgrote deel van onze energie wordt nog altijd geproduceerd in grote elektriciteitscentrales. Bij de productie van die elektriciteit gaat ongeveer 45% van de gecreëerde energie verloren via het koelwater, via koeltorens in de lucht, of via waterstromen. Warmtekrachtkoppeling biedt hier als duurzame technologie een volwaardig alternatief.

    Bij warmtekrachtkoppeling, of verkort WKK, worden elektriciteit en warmte tegelijkertijd bij de verbruiker opgewekt. Daardoor worden de verliezen voor transport van warmte en elektriciteit nagenoeg volledig uitgeschakeld. In afgelegen gebieden waar er niet onmiddellijk toegang is tot het aardgasnetwerk, zijn er nog andere opties: biogas of LPG kunnen ook perfect dienen als brandstof voor de WKK.

    WKK waarbij minder dan 50kW-elektrisch vermogen wordt opgewekt, wordt microwarmtekrachtkoppeling (µ-WKK) genoemd. Het principe is gelijkaardig aan dat van algemene warmtekrachtkoppeling: een speciale cv-ketel in het huis van een particulier produceert dan behalve warmte ook elektriciteit. Naast het economische voordeel voor de consument door lagere energiekosten, is µ-WKK ook goed voor het milieu door een lager energiegebruik en bijgevolg een lagere CO2-uitstoot.

    Europees perspectief

    Vanwege de samenwerking met haar koepelorganisatie COGEN Europe, heeft COGEN Vlaanderen toegang tot een breed kennisplatform over de situatie van WKK en µ-WKK elders in Europa. Het opzet van het seminarie op 10 november was dan ook in de eerste plaats een vergelijking tussen binnen- en buitenland.

    Tijdens het eerste deel van het seminarie werd de situatie van µ-WKK in Duitsland en Nederland toegelicht. Thorsten Formanski van de Association for the Efficient and Environmental Friendly Use of Energy (ASUE) gaf feiten en cijfers bij de lancering van microwarmtekrachtkoppeling in Duitsland. Uit zijn betoog bleek dat de Duitse markt klaar is voor µ-WKK, maar dat er dringend nood is aan betrouwbare µ-WKK-units om de lancering succesvol te maken.

    De uiteenzetting van Margot Van Gastel van COGEN Projects, de zusterorganisatie van COGEN Nederland, toonde aan dat Nederland al heel wat verder staat op het gebied van µ-WKK. Op het einde van de jaren '90 werd de technologie al geïntroduceerd in Nederland. Door de intense samenwerking van verschillende partners uit de industrie en de politiek van de afgelopen jaren, staat µ-WKK er vandaag aan de vooravond van haar absolute doorbraak.

    Beide sprekers wezen op het samengaan van vier belangrijke pijlers wat betreft de introductie van µ-WKK: beleid, producenten van µ-WKK-units, een markt die klaar is voor de introductie met welopgeleide installateurs en een goed draaiend distributienetwerk en ten laatste, de steun en medewerking van de energiebedrijven.

    Vlaamse wetgeving: nog een lange weg te gaan

    Het belang van een degelijk beleid voor WKK werd opnieuw benadrukt in de voorstelling van Vlaamse WKK-regelgeving door Tine Stevens van COGEN Vlaanderen. De Vlaamse Regering keurde op 18 juni 2010 een ontwerpbesluit goed dat voorziet in de verhoging van de warmtekrachtquota. Dit is een noodzakelijke maatregel om de certificatenmarkt terug stabiel te krijgen en investeringen in WKK verder aan te moedigen. Onlangs schafte de Vlaamse Regering de 20% steun voor µ-WKK voor openbare besturen en vzw's af. Ook de ecologiepremie zal vanaf 2011 afgeschaft worden voor alle WKK. Met betrekking tot µ-WKK, ziet COGEN Vlaanderen met spanning een aantal bijkomende wijzigingen tegemoet die een positieve invloed kunnen hebben op de lancering van µ-WKK in Vlaanderen.

    Warmtekrachtkoppeling in België

    De laatste jaren heeft warmtekrachtkoppeling overal in België aan belang gewonnen. Volgens de nieuwsbrief (nummer 28 - november 2010) van APERe, is de Belgische koploper het Vlaamse Gewest, op de voet gevolgd door het Waalse Gewest. Het geïnstalleerde vermogen ligt opmerkelijk lager in Brussel, maar dat kan volgens APERe worden verklaard door de afwezigheid van industriële installaties met een groot vermogen.

    Op 31 augustus 2010 tekende de VREG 242 WKK-eenheden op in Vlaanderen, met een geïnstalleerd vermogen van 1.182 MWelek. Op hetzelfde tijdstip lijstte de Waalse tegenhanger van VREG, CWaPE een vloot van 81 WKK-eenheden op, goed voor een geïnstalleerd vermogen van 328 MWelek.

    COGEN Vlaanderen

    COGEN Vlaanderen wil actief bijdragen aan de ontwikkeling van kwaliteitsvolle WKK in Vlaanderen. De organisatie doet dit vanuit de overtuiging dat WKK een belangrijke rol te spelen heeft in twee deeldomeinen van de duurzame ontwikkeling: een rationele energiepolitiek en het terugdringen van de emissies van broeikasgassen. Sinds haar oprichting in 2001, is COGEN Vlaanderen uitgegroeid tot hét expertisecentrum over WKK in Vlaanderen. Voor meer informatie kan u terecht op de website van COGEN Vlaanderen.

  • VS gaat biobrandstofproductie nog sterker ondersteunen

    De Amerikaanse regering investeert 1,5 miljard dollar extra in de productie van biobrandstoffen. Volgens minister van Landbouw Tom Vilsack zijn er nog meer maatregelen in de maak omdat de consumptie van energie in de VS sneller toeneemt dan de productie van biobrandstoffen.Vorig jaar verwerkte de VS al 120 miljoen ton korrelmaïs tot bio-ethanol, terwijl in de EU bij benadering slechts 2,67 miljoen ton verwerkt werd.

    Volgens het Internationaal Energie Agentschap neemt de consumptie van energie tegen 2035 met 50 procent toe in de Verenigde Staten. Nu al geldt de VS als de grootste consument van energie, voor China dat viermaal zoveel inwoners telt. Minister Vilsack meent dat de VS zonder investeringen in binnenlands geproduceerde biobrandstof te sterk afhankelijk blijft van de import van fossiele brandstoffen. Dertig jaar geleden importeerde de VS 28 procent van haar energiebehoefte, nu is dat 60 procent.

    De productie van biobrandstoffen neemt niettemin fors toe, vorig jaar verwerkte de VS 120 miljoen ton maïs tot bio-ethanol. Ter vergelijking: in de EU was vorig jaar 400.000 ha korrelmaïs nodig voor ethanolproductie. Gerekend met een opbrengst van 6,66 ton korrelmaïs per ha (gemiddeld opbrengstcijfer van de Europese Commissie voor de 27 EU-lidstaten, nvdr) komt dat neer op circa 2,67 miljoen ton in Europa geproduceerde maïs die vorig jaar gebruikt werd voor bio-ethanol. Uit cijfers van CEPM, de Europese organisatie van maïsverwerkers blijkt dat Frankrijk de grootste maïsethanolproducent is in de EU (aandeel van 18%), gevolgd door Hongarije (16%) en Spanje (14%).

    Vilt

  • Uitbreiding fruitveiling botst met biogasinstallatie

    De uitbreidingsplannen van de Belgische Fruitveiling (BFV) worden doorkruist door de komst van een biogasinstallatie bij een landbouwer recht tegenover de veilingsite in Glabbeek. De veiling ziet de uitbreidingsoppervlakte die zij op het oog had met bijna de helft verkleinen. "BFV kan de bouw van een biogasinstallatie op onze grond niet tegenhouden", zegt landbouwer Bart Vanschoubroek in Het Laatste Nieuws.

    De gemeente Glabbeek wil een ambachtelijke zone van meer dan één hectare creëren tegenover de huidige vestiging van BFV. In de zone is plaats voor tien tot twaalf KMO's. "Een achttal bedrijven toont interesse en wil zich herlokaliseren op de ambachtelijke zone", vertelt schepen van Ruimtelijke Ordening Jos Vicca (CD&V).

    De Belgische Fruitveiling wil achter die ambachtelijke zone een uitbreiding van de Glabbeekse vestiging realiseren. Het bedrijf wil begin 2011 starten met de bouw van een complex dat veertien miljoen kilo hard fruit in koelcellen kan opslaan en een gebouw met sorteer- en inpakfaciliteiten.

    BFV kreeg oorspronkelijk 2,7 hectare ter beschikking achter de ambachtelijke zone. Die uitbreiding werd vorig jaar beperkt tot 1,5 hectare om de natuurwaarde van de vallei van de Meenselbeek niet in het gedrang te brengen. De komst van de biogasinstallatie van landbouwer Bart Vanschoubroek zal die uitbreidingsoppervlakte nog eens met bijna de helft verkleinen. Nochtans leek de uitbreiding van BFV vorig jaar in kannen en kruiken.

    "Het landbouwgebied achter de ambachtelijke zone is grotendeels eigendom van het nabijgelegen landbouwbedrijf Craenenbroekhof", vertelt burgemeester Jean Vanschoubroek (CD&V). "Als de landbouwer een bouwaanvraag doet voor een biogasinstallatie op zijn eigendom, kunnen we die moeilijk weigeren." De biogasinstallatie zal 60.000 ton biomassa verwerken, waarvan 10.000 ton mest, 20.000 ton plantaardig afval en 30.000 ton maïs.

    "BFV kan de bouw van de biogasinstallatie op onze grond niet tegenhouden", aldus Bart Vanschoubroek. "We hebben de bouwvergunning op zak en de milieuvergunning al ingediend. De biogasinstallatie kan bovendien elektriciteit leveren voor meer gezinnen dan er in Glabbeek wonen.”

    BFV onderzoekt in samenspraak met de gemeente en de provincie mogelijkheden om de uitbreiding toch te realiseren. "Drie alternatieven worden bekeken. De uitbreiding van BFV in Glabbeek is nog perfect mogelijk", zegt algemeen directeur Filip Lowette. Momenteel werken er 40 personen in de Glabbeekse vestiging. Na de uitbreiding zouden daar nog eens zo'n twintig personen bijkomen.

    De gemeente Glabbeek kan zich voorlopig niet vinden in de alternatieve scenario's van BFV. “BFV stelt voor een deel van de uitbreiding achter de woningen te realiseren of een deel van onze ambachtelijke zone in te nemen. Maar dat vindt de gemeente onhaalbaar", zegt schepen Vicca. De Glabbeekse oppositiepartij Samen stelt zich intussen vragen over de impact van de ambachtelijke zone en de biogasinstallatie op de woonomgeving.

    Vilt

  • "Inplanting van windmolens is een integraal verhaal"

    Tussen energiebedrijven woedt een strijd om vergunningen voor windmolens te bemachtigen, lokale besturen worden overspoeld door aanvragen en het maatschappelijk draagvlak brokkelt af. Met die kritiek benadrukten CD&V volksvertegenwoordigers Sonja Claes en Valerie Taeldeman bij Vlaams minister van Ruimtelijke Ordening Philippe Muyters het belang van een duidelijk juridisch kader.

    “De vrijheid die er momenteel is bij de inplanting van windmolens is een keuze die het Vlaams parlement maakte in de Codex Ruimtelijke Ordening. Er werd toen besloten de bouw van windturbines op het vlak van ruimtelijke ordening niet teveel aan banden te leggen”, verdedigt minister Philippe Muyters de bestaande regelgeving.

    Muyters erkent dat de vraag zich opdringt of windmolens verder ingeplant mogen worden her en der in Vlaanderen of een inplanting in concentratiezones meer aangewezen is. “Dat is en heel moeilijke afweging, alleen al vanuit het oogpunt van ruimtelijke ordening”, zegt Muyters. “Wanneer we een straal trekken van 250 meter (de bufferafstand waar vanuit leefmilieuredenen sprake is in de eerste omzendbrief, nvdr), dan blijft nog weinig plaats over voor een windmolen”, aldus Muyters. “Bovendien zit men dan meestal in wat grootschaliger open ruimtes, en die hebben als landschap ook hun waarde. Als we rond alle woningen een straal van 250 meter trekken en ook rekening houden met de verspreid gebouwde, zonevreemde woningen, dan is de ruimte voor windmolens helemaal beperkt.”

    Muyters benadrukt dat de energiekeuze gevolgen heeft voor ruimtelijke ordening. “Hoeveel alternatieve energie willen we via windmolens opwekken, is een belangrijke vraag”, zegt Muyters. “Als Energie en Leefmilieu bepalen dat we zoveel percent windturbines willen, dan moeten we goed beseffen dat we die ook ergens moeten kunnen plaatsen.”

    De toevloed van nieuwe windturbineprojecten vindt voor een deel zijn oorzaak in het gegeven dat voor één en hetzelfde gebied vaak verschillende ontwikkelaars projectvoorstellen indienen. “Die voorstellen zijn op geen enkele manier op elkaar afgestemd, wat de ruimtelijke en landschappelijke
    ontwikkeling van die locaties niet ten goede komt”, bevestigt Muyters. “Bovendien is het voor de vergunningverlener niet eenvoudig vast te stellen wat de beste invulling van een site is. Een toevloed aan aanvragen is ook nefast voor het draagvlak bij de bevolking.”

    Minister Muyters besluit dat de discussie over de inplanting van verschillende vormen van hernieuwbare energie in het algemeen en windturbines in het bijzonder, een integraal verhaal moet zijn dat niet kan worden opgelost door het beleidsdomein Ruimtelijke Ordening alleen. “De discussie over het geluid, over de slagschaduw, over de ongecoördineerde aanvragen en het afkalvend draagvlak bewijzen dit meer dan voldoende”, stelt Muyters.

    Momenteel bestaan er twee omzendbrieven die het kader aangeven waarbinnen de plaatsing van windmolens wordt beoordeeld en die volgens Muyters nog steeds actueel zijn. Hij toont zich wel bereid om samen met zijn collega-ministers van Energie en van Leefmilieu de nodige stappen te zetten wanneer de conclusies van de windwerkgroep worden voorgelegd.

    Vilt

  • Dakisolatie in toekomst verplicht voor alle huurwoningen

    Vlaams minister van Wonen en Energie Freya Van den Bossche (sp.a) wil dakisolatie geleidelijk aan verplicht maken voor alle huurwoningen. "Wie in 2020 geen dakisolatie heeft, zal zijn huis niet meer kunnen verhuren. Dat is een krachtig signaal aan de eigenaars om nu aan de slag te gaan en de bestaande premies maximaal in te zetten om hun eigendom te isoleren en zuiniger te maken."

    Van den Bossche kreeg vandaag bezoek van een delegatie van Samenlevingsopbouw, de Bond Beter Leefmilieu en het Vlaams Overleg Bewonersbelangen. Ze kreeg een bouwpakket met bakstenen en cement om te bouwen aan een betere afstemming tussen het woon- en energiebeleid.

    De minister plant alvast enkele nieuwe maatregelen om het Vlaamse woonpatrimonium kwaliteitsvoller en energiezuiniger te maken. De verplichte dakisolatie voor huurwoningen is daar één van. Daarnaast onderzoekt Van de Bossche hoe ze de bestaande energiescans kan uitbouwen tot volwaardige woonscans, waarbij niet alleen de energiezuinigheid, maar de volledige woonkwaliteit van een woning gecheckt wordt.

    Energiezuiniger

    Ten derde wijst de minister op het geplande proefproject waarbij Eandis 500 à 700 private huurwoningen gratis gaat isoleren. "De lessen die we daaruit trekken, moeten ons toelaten overal in Vlaanderen te gaan isoleren bij mensen die de investering zelf niet aankunnen", zegt Van den Bossche. "Zeker bij de lagere inkomens zullen we misschien zelf moeten gaan isoleren."

    Geert Marrin van Samenlevingsopbouw reageert tevreden. "Er is nog veel werk, maar dit zijn zeker stappen in de goede richting."

    Het Laatste Nieuws

  • 1
  • 2